Homeopathie en Belgisch recht

De homeopathie, ontwikkeld door Samuel Hahnemann (+ 1812), leidde tot een ernstig geschil met de beoefenaars van de conventionele geneeskunde. Dit geschil duurt tot op de dag van vandaag voort.

Geschiedenis

De zogenaamde complementaire geneeswijzen (waaronder homeopathie, acupunctuur, chiropraxie en osteopathie) wonnen in de 20e eeuw aan invloed. Geen enkel wettelijk kader reguleerde echter hun erkenning, de opleidingen, enz., met een gevaar voor wanorde, onverenigbaar met de kwaliteit van de therapie en de veiligheid van de patiënten.

In 1999 diende Marcel Colla, de toenmalige minister van Volksgezondheid, een wetsvoorstel in, dat op 29 april van datzelfde jaar werd goedgekeurd. Deze wet voorziet in vier kamers (homeopathie, acupunctuur, chiropraxie en osteopathie) en een paritair comité, belast met het uitbrengen van advies.

De uitvoeringsbesluiten werden echter pas in 2001 gepubliceerd, toen de vier kamers werden ingesteld.

Homeopathie wordt verdedigd door Unio Homoeopathica Belgica (UHB), de beroepsfederatie van artsen homeopaten.

De Kamer voor Homeopathie brengt verschillende adviezen uit, die alle in overeenstemming zijn met de door de UHB verdedigde standpunten en gerechtvaardigd worden door de zorg voor de veiligheid van de patiënten.

Sterke tegenwind

De voortgang van het wetgevingsproces ontketende een sterke weerstand van de conventionele geneeskunde. In de pers verschenen gewelddadige artikelen.

Pro Homeopathia stuurde toen een brief aan minister Onkelinx, vicepremier en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, om de vrije therapiekeuze en de erkenning van de homeopathie te eisen, zoals bepaald in de Wet Colla. Een kopie van deze brief werd ook toegezonden aan alle leden van de Commissie Volksgezondheid van het Kamer van Volksvertegenwoordigers. We kregen een positieve reactie, onder meer van minister Onkelinx zelf en van Nahima Lanjri (CD&V).

Intussen gingen de gewelddadige aanvallen door, vooral van de N-VA, om de tenuitvoerlegging van de Wet Colla te verhinderen. De Belgische vereniging van artsensyndicaten (BVAS) reageerde op het voornemen van minister Onkelinx: “… de minister moedigt met dit signaal de toekomstige ontwikkeling van schadelijke sektarische praktijken in ons land aan …”.

Deze standpunten ondermijnen het belangrijkste: de veiligheid en het welzijn van patiënten. Pro Homeopathia riep daarom op tot een dialoog die de standpunten van alle partijen zou respecteren.

De Wet is dood. Leve de Wet!

Hoe kun je nu níét in woede uitbarsten wanneer een minister van Volksgezondheid de afschaffing van de Wet-Colla stiekem verstopt in een stapel dossiers die hij door het Parlement laat goedkeuren?

“Te moeilijk om uit te voeren”, klinkt het dan in politieke kringen. Klopt gedeeltelijk. De wet van 1999, genoemd naar Marcel Colla, destijds minister van Volksgezondheid, zag het licht onder meer omdat mevrouw Colla, een vurige voorstander van homeopathie, haar echtgenoot duidelijk maakte dat er ABSOLUUT een wet moest komen om de zogenoemde niet-conventionele geneeswijzen te omkaderen en te beschermen. Marcel gehoorzaamde. En zoals zo vaak werd de Wet Colla vervolgens uitgetekend door ‘experts’ die amper vertrouwd waren met deze materies. Echt overleggen met de betrokken zorgverleners en patiënten? Dat meen je toch niet?

Het resultaat? Een wet die jarenlang een lege doos bleef, tot 25 jaar juridische strijd, heldhaftig gevoerd door dr. Léon Scheepers en zijn advocaten, er stap voor stap in slaagde om, ondanks alle vertragingsmanoeuvres, die wet daadwerkelijk toegepast te krijgen. Erkenning van de homeopathie, erkenning van homeopathische middelen als volwaardige geneesmiddelen en uiteindelijk ook erkenning van het statuut van arts homeopaat. De Unio Homoeopathica Belgica en dr. Scheepers hebben het allemaal bevochten. En ze hebben het ook binnengehaald! Chapeau!

En dan, in november 2025, veegt minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke dat alles van tafel door de Wet Colla in alle stilte in te trekken, zonder dat iemand er iets van afwist, zelfs de rechtstreeks betrokkenen niet. In de media verscheen daar nauwelijks iets over. Maar wanneer zullen politieke kringen, die te pas en te onpas de mantra “zijn verantwoordelijkheid nemen” bovenhalen, dat nu eindelijk eens écht doen en luisteren naar de stem van de bevolking? Beleidsmensen staan ten dienste van de bevolking, niet omgekeerd!

Laten we ons geen illusies maken: de Wet-Colla mogen we vergeten. Maar eerst even de balans opmaken.

De Wet Colla zat bijzonder ingewikkeld in elkaar. Dat hoeft niet te verbazen:

  1. Ze reguleerde acupunctuur, chiropractie, homeopathie en osteopathie. Maar deze verschillende geneeswijzen hebben zich niet allemaal met dezelfde gedrevenheid ingezet voor de verdediging en de wettelijke omkadering van hun activiteiten. Homeopathie was veruit de meest strijdvaardige. Ze heeft veel bereikt, vaak met de goedkeuring van de Raad van State.
  2. De praktische uitvoering van de Wet werd vastgelegd in meerdere Koninklijke Besluiten. Maar de ongelijke betrokkenheid van de vier niet-conventionele geneeswijzen zorgde voor scheeftrekkingen en een Wet die almaar complexer werd om toe te passen.

Gapende juridische leemtes

Frank Vandenbroucke heeft niet gezien (of niet wíllen zien) dat de intrekking van de Wet-Colla automatisch ook alle andere wetten onderuit haalt die ernaar verwijzen. Volgens de advocaten die wij raadpleegden, is elke wet die steunt op een andere (niet-bestaande of ingetrokken) wet, zelf eveneens ongeldig.

Gevolgen in kettingreactie:

  1. Niets bepaalt nog wie zich homeopaat mag noemen (dus: iedereen);
  2. De registratie van homeopathische geneesmiddelen bij het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten (FAGG) heeft geen wettelijke basis meer;
  3. Niets regelt nog de opleiding van artsen, tandartsen en dierenartsen homeopaten;
  4. De terugbetaling van consult en homeopathische middelen door (sommige) ziekenfondsen kan moeiteloos worden geschrapt, aangezien deze zorgen juridisch niet langer ‘medisch’ zouden zijn;
  5. Het verlies van statuut van de homeopathie kan de registratie van ‘kleine remedies’ (minder courante middelen) onbetaalbaar maken en de verdwijning veroorzaken van producten die in zeer specifieke gevallen worden gebruikt.

Een ander wettelijk kader, snel!

Hoog tijd dat wij zelf het initiatief nemen, vóór de regering met een nieuw wettelijk kader op de proppen komt, in elkaar geknutseld zonder ons te raadplegen. ‘Ons’? Dat is de hele homeopathische sector, met name vijf groepen:

  1. Homeopathische artsen, tandartsen en dierenartsen (Unio Homoeopathica Belgica);
  2. Apothekers met een specialisatie in homeopathie (Pharahom);
  3. Homeopathiescholen (Vlaamse Studiegroep voor Unitaire Homeopathie – VSU, École Belge d’Homéopathie – EBH, Centre Liégeois d’Homéopathie – CLH);
  4. Onderzoek in homeopathie (DynHom);
  5. Patiënten van de homeopathie (Pro Homeopathia).

Elke groep heeft gewerkt aan een beknopte en gestructureerde formulering van haar concrete verwachtingen en reële noden om in ons land optimaal te kunnen functioneren. Deze gegevens worden nu samengebracht en juridisch herschreven als basis voor een voorontwerp van een nieuw wettelijk kader.

En jullie, beste patiënten, dragen hier rechtstreeks toe bij met jullie talrijke en uitgebreide antwoorden op ons bericht van 13 februari jongstleden. HARTELIJK DANK!!!